Словарь
17 слов · страница 1 из 1
uiA1
лук
Van een ui moet ik huilen.
uitgaanslevenB1
ночная жизнь
Het uitgaansleven in de stad is levendig.
uitgaveA2
трата, расход
Dit is een grote uitgave voor ons.
uitgavenB1
расходы
Mijn uitgaven zijn hoger dan vorig jaar.
uitjeB1
выезд, вылазка
We doen jaarlijks een uitje met het team.
uitkeringB1
пособие
Hij ontvangt tijdelijk een uitkering.
uitlegB1
объяснение
Bedankt voor de duidelijke uitleg.
uitnodigingB1
приглашение
Bedankt voor de uitnodiging!
uitslagB1
результат (анализа); сыпь
De uitslag van het bloedonderzoek is goed.
uitspraakA2
произношение
Je uitspraak is al veel beter.
uitspraakfoutB1
ошибка в произношении
Een kleine uitspraakfout is niet erg.
uitspraakregelB1
правило произношения
Deze uitspraakregel geldt voor bijna alle woorden.
uitverkochtA2
распродано
Die maat is helaas uitverkocht.
uitverkoopA2
распродажа
In januari is er uitverkoop.
uniformA2
форма
Op dit werk draag je een uniform.
universiteitB1
университет
Zij studeert aan de universiteit van Leiden.
uurA1
час
De les duurt één uur.

