Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

78 слов · страница 2 из 4

  • peperA1

    перец

    Doe er wat peper op.

  • perronA2

    платформа

    De trein vertrekt van perron 5.

  • personeelA2

    персонал

    Het restaurant zoekt nieuw personeel.

  • personeelsgesprekB1

    беседа с сотрудником

    Het personeelsgesprek duurt een half uur.

  • personeelslidB1

    сотрудник

    Elk personeelslid krijgt een eigen pas.

  • pijnA1

    боль

    Heb je veel pijn?

  • pijnlijkA2

    болезненный

    De behandeling is niet pijnlijk.

  • pijnstillerA2

    обезболивающее

    Neem een pijnstiller tegen de hoofdpijn.

  • pilA2

    таблетка

    Neem één pil bij het eten.

  • pinbetalingA2

    оплата картой

    Alleen pinbetaling is hier mogelijk.

  • pindakaasA1

    арахисовая паста

    Pindakaas is populair in Nederland.

  • pinnenA2

    платить картой

    Kan ik hier pinnen?

  • pinpasA2

    банковская карта

    Mijn pinpas werkt niet meer.

  • pizzaA1

    пицца

    Vanavond bestellen we pizza.

  • plaatsA1

    место

    Is deze plaats vrij?

  • plafondA1

    потолок

    Het plafond is net geverfd.

  • planA2

    план

    Wat is het plan voor morgen?

  • plantA1

    растение

    Vergeet de planten niet water te geven.

  • plattelandB1

    сельская местность

    Op het platteland is het veel rustiger.

  • pleinA1

    площадь

    Op het plein is elke week markt.

  • ploegendienstA2

    сменная работа

    Hij werkt in ploegendienst.

  • plotselingA2

    внезапно

    Plotseling begon het te regenen.

  • poetsenA1

    чистить

    Poets je tanden twee keer per dag.

  • poldergebiedB1

    польдерная местность

    Dit poldergebied ligt onder zeeniveau.

  • polsA1

    запястье

    Ik heb mijn pols verstuikt.