Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

51 слов · страница 1 из 3

  • ochtendA1

    утро

    In de ochtend drink ik koffie.

  • oefenexamenB1

    пробный экзамен

    Maak eerst een oefenexamen.

  • oefeningA2

    упражнение

    Maak oefening drie op bladzijde tien.

  • oefenmateriaalB1

    материалы для тренировки

    Er is genoeg oefenmateriaal online beschikbaar.

  • oefenopdrachtB1

    тренировочное задание

    Maak de oefenopdracht voor volgende week.

  • oefentoetsA2

    пробный тест

    Maak eerst een oefentoets.

  • oefenzinB1

    тренировочное предложение

    Maak bij elk woord een oefenzin.

  • oktoberA1

    октябрь

    In oktober vallen de bladeren.

  • olieA2

    масло (растительное)

    Bak het in een beetje olie.

  • olijfA1

    олива, маслина

    Wil je olijven bij de borrel?

  • omaA1

    бабушка

    Mijn oma is tachtig jaar.

  • omleidingB1

    объезд

    Er is een omleiding vanwege wegwerkzaamheden.

  • onderhoudA2

    обслуживание, уход

    Het onderhoud van de tuin kost tijd.

  • onderwerpA2

    тема

    Dat is een moeilijk onderwerp.

  • onderzoekB1

    обследование, исследование

    Het onderzoek liet niets bijzonders zien.

  • onderzoeksuitslagB1

    результат обследования

    De onderzoeksuitslag komt over een week.

  • ontbijtA2

    завтрак

    Ik sla het ontbijt nooit over.

  • ontmoetingsplekB1

    место встреч

    Het buurthuis is een belangrijke ontmoetingsplek.

  • ontspanningB1

    расслабление, отдых

    Lezen is voor mij pure ontspanning.

  • ontvangerB1

    получатель

    De ontvanger van de brief was verhuisd.

  • ontwikkelingB1

    развитие

    Er is ruimte voor persoonlijke ontwikkeling.

  • oogA1

    глаз

    Er zit iets in mijn oog.

  • oogartsA2

    офтальмолог

    De huisarts stuurde mij naar de oogarts.

  • oogstB1

    урожай

    De oogst viel dit jaar tegen.

  • oomA1

    дядя

    Mijn oom woont in Duitsland.