Словарь
191 слов · страница 7 из 8
huismerkB2
собственная марка магазина
Het huismerk is vaak net zo goed.
huisregelsA2
правила проживания
Lees de huisregels van het gebouw.
huisstijlB2
фирменный стиль
Alle brieven volgen de huisstijl.
huisstofmijtB2
пылевой клещ
Hij is allergisch voor huisstofmijt.
huisvestingB1
обеспечение жильём
De huisvesting van studenten is een probleem.
huiswerkB1
домашнее задание
Ik maak mijn huiswerk 's avonds.
huiswerkbegeleidingB2
помощь с домашними заданиями
De school biedt huiswerkbegeleiding aan.
huiswerkvrijB2
без домашних заданий
De school wil huiswerkvrij onderwijs invoeren.
huiverenB2
содрогаться
Bij die gedachte huiver ik.
hulpA2
помощь
Bedankt voor je hulp.
hulpaanvraagB1
заявка на помощь
Uw hulpaanvraag wordt binnen twee weken behandeld.
hulpdienstB2
экстренная служба
De hulpdiensten waren binnen tien minuten ter plaatse.
hulpinstantieB1
служба помощи
Er zijn hulpinstanties die gratis advies geven.
hulpmiddelB1
вспомогательное средство
Een rollator is een handig hulpmiddel.
hulpmiddelenlijstB2
список разрешённых материалов
Op de hulpmiddelenlijst staat wat je mee mag nemen.
hulpverlenerB1
социальный работник
Een hulpverlener begeleidt het gezin.
hulpverleningB2
оказание помощи
De hulpverlening kwam snel op gang.
humeurB2
настроение
Hij is vandaag in een slecht humeur.
humorB2
юмор
Zijn humor is heel droog.
hunkerenB2
жаждать, тосковать
Hij hunkert naar rust.
huurA2
аренда
De huur moet voor de eerste van de maand betaald worden.
huurautoB2
арендованный автомобиль
Een huurauto is voor één weekend goedkoper.
huurbetalingB1
оплата аренды
De huurbetaling gaat automatisch van mijn rekening.
huurcontractA2
договор аренды
Lees het huurcontract goed door.
huurderA2
арендатор
De huurder moet kleine reparaties zelf doen.

