Словарь
270 слов · страница 4 из 11
gelijkA1
прав; одинаковый
Je hebt gelijk.
gelijkheidB2
равенство
Gelijkheid is een belangrijke waarde.
gelijkmoedigB2
невозмутимый
Hij bleef gelijkmoedig onder de kritiek.
gelijkmoedigheidB2
невозмутимость
Zij droeg het verlies met gelijkmoedigheid.
gelijkwaardigheidB2
равноправие
Gelijkwaardigheid tussen partners is vanzelfsprekend.
geloofsovertuigingB2
религиозное убеждение
Niemand mag om zijn geloofsovertuiging worden benadeeld.
geloofwaardigB2
правдоподобный
Zijn verhaal klinkt niet geloofwaardig.
geloofwaardigheidB2
достоверность
De geloofwaardigheid van de bron staat ter discussie.
gelovenA1
верить
Ik geloof je wel.
geluidshinderB2
шумовое загрязнение
Rond het vliegveld is veel geluidshinder.
geluidskwaliteitB2
качество звука
De geluidskwaliteit van de podcast is prima.
geluidsopnameB2
аудиозапись
De geluidsopname is als bewijs gebruikt.
geluidsoverlastA2
шумовые помехи
We hebben veel geluidsoverlast van de buren.
geluidstechnicusB2
звукорежиссёр
De geluidstechnicus stelde de microfoons af.
gelukA1
удача, счастье
Veel geluk met je nieuwe baan!
gelukkigA2
счастливый; к счастью
Ze is gelukkig in haar nieuwe baan.
gelukzaligheidB2
блаженство
Een moment van pure gelukzaligheid.
gemaalB2
насосная станция
Het gemaal pompt het water weg.
gematigdB2
умеренный
Nederland heeft een gematigd zeeklimaat.
gemeenschapB2
сообщество, община
De hele gemeenschap hielp mee na de brand.
gemeenschapsbelangB2
интерес сообщества
Hier weegt het gemeenschapsbelang zwaarder.
gemeenschapszinB2
чувство общности
In kleine dorpen is de gemeenschapszin sterk.
gemeenteB2
муниципалитет
Je moet je inschrijven bij de gemeente.
gemeentebelastingB1
муниципальный налог
De gemeentebelasting betaal je één keer per jaar.
gemeentebeleidB1
муниципальная политика
Het gemeentebeleid richt zich op meer groen.

