Словарь
145 слов · страница 3 из 6
de gemeenschapA2
сообщество, община
De hele gemeenschap hielp mee na de brand.
de gemeenteA2
муниципалитет
Je moet je inschrijven bij de gemeente.
de gemeentebelastingB1
муниципальный налог
De gemeentebelasting betaal je één keer per jaar.
het gemeentebeleidB1
муниципальная политика
Het gemeentebeleid richt zich op meer groen.
de gemeentedienstB1
муниципальная служба
De gemeentedienst haalt het grofvuil op.
het gemeentehuisB1
мэрия
Het gemeentehuis is tot vier uur open.
het gemeenteloketB1
окно приёма в мэрии
Ga naar het gemeenteloket voor een uittreksel.
de gemeenteraadA2
городской совет
De gemeenteraad besliste over het plan.
de gemeenteraadsvergaderingB1
заседание горсовета
De gemeenteraadsvergadering is openbaar.
gemeubileerdA2
меблированный
Wij zoeken een gemeubileerde woning.
gemiddeldA2
в среднем
Ik werk gemiddeld dertig uur per week.
de generatieA2
поколение
De jongere generatie denkt hier anders over.
genezenA2неправильный
genas · genazen · hebben/zijn genezen
заживать, излечивать
De wond is goed genezen.
genietenA1неправильный
genoot · genoten · hebben genoten
наслаждаться
Ik geniet van het rustige weekend.
genoegA1
достаточно
Er is genoeg eten voor iedereen.
het gerechtA2
блюдо
Dit gerecht is een specialiteit hier.
het gereedschapA1
инструменты
Het gereedschap ligt in de schuur.
de geschiedenisA1
история
De geschiedenis van dit gebouw is bijzonder.
geschiktA2
подходящий
Deze woning is geschikt voor een gezin.
het gesprekA1
разговор
We hebben een goed gesprek gehad.
het gespreksonderwerpB1
тема разговора
Het weer is hier een populair gespreksonderwerp.
de gesprekspartnerB1
собеседник
Luister goed naar je gesprekspartner.
de gesprekstechniekB1
техника ведения беседы
Op de cursus leer je gesprekstechnieken.
gestrestA2
в стрессе, напряжённый
Voor het examen was ik erg gestrest.
het getalA1
число
Schrijf het getal in cijfers.

