Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

11 слов · страница 1 из 1

  • dansenA2

    танцевать

    Op het feest werd er gedanst.

  • delenA1

    делить(ся)

    We delen de kosten samen.

  • denkenA1

    думать

    Ik denk dat het goed komt.

  • doenA1

    делать

    Wat doe je in het weekend?

  • downloadenA2

    скачивать

    Download de app op je telefoon.

  • dragenA1

    носить

    Hij draagt een zwarte jas.

  • drinkenA1

    пить

    Wat wil je drinken?

  • dromenA1

    видеть сны, мечтать

    Ik droomde vannacht over mijn familie.

  • durenA2

    длиться

    Hoe lang duurt de les?

  • durvenA1

    осмеливаться

    Ik durf het niet te vragen.

  • dweilenA2

    мыть пол

    De vloer moet nog gedweild worden.