Словарь
189 слов · страница 4 из 8
betalingsregelingB1
рассрочка платежа
Je kunt een betalingsregeling aanvragen.
betekenenA2
означать
Wat betekent dit woord?
beterA1
лучше
Ik voel me vandaag al beter.
beterschapA2
выздоравливайте
Beterschap, hopelijk voel je je snel beter!
betrokkenB1
вовлечённый, причастный
Alle medewerkers zijn bij het plan betrokken.
bevallingA2
роды
De bevalling verliep zonder problemen.
bevestigenB1
подтверждать
Kunt u de afspraak per mail bevestigen?
bewarenA2
хранить
Bewaar deze brief goed.
beweegprogrammaB1
программа физической активности
Het beweegprogramma duurt acht weken.
bewegenB1
двигаться
Probeer elke dag genoeg te bewegen.
bewijsB1
доказательство, подтверждение
Bewaar het bewijs van betaling.
bezemA1
метла
Pak even de bezem.
bezetA1
занятый
Deze plaats is bezet.
bezienswaardigheidB1
достопримечательность
De grachten zijn de bekendste bezienswaardigheid.
bezigA2
занят
Ik ben nu even bezig.
bezoekA1
гости, визит
We krijgen vanavond bezoek.
bezoekenA2
посещать
We bezoeken zondag mijn ouders.
bezoekuurA2
часы посещения
Het bezoekuur is van twee tot vier.
bezorgenA2
доставлять
Ze bezorgen het pakket morgen.
bezorgkostenA2
стоимость доставки
Boven de dertig euro betaal je geen bezorgkosten.
bezwaarschriftB1
возражение (документ)
U kunt binnen zes weken een bezwaarschrift indienen.
bijA1
у, около
Ik ben bij de dokter.
bijbaanA2
подработка
Naast mijn studie heb ik een bijbaan.
bijdrageB1
взнос, доплата
Iedereen betaalt een eigen bijdrage.
bijkomenB1
приходить в себя
Ik ben nog aan het bijkomen van de reis.

