Словарь
21 слов · страница 1 из 1
taakA2
задача
Dat is niet mijn taak.
taakinhoudB1
содержание работы
De taakinhoud verandert vanaf januari.
taakomschrijvingA2
описание обязанностей
Dat staat niet in mijn taakomschrijving.
taakstellingB1
поставленная задача
De taakstelling voor dit jaar is ambitieus.
taakuitvoeringB2
выполнение задач
De taakuitvoering wordt steekproefsgewijs gecontroleerd.
taakverantwoordelijkheidB1
ответственность за задачу
Iedereen kent zijn eigen taakverantwoordelijkheid.
taakverdelingB1
распределение обязанностей
We maken een duidelijke taakverdeling.
takenlijstA2
список задач
Ik werk mijn takenlijst af.
takenpakketB1
круг обязанностей
Mijn takenpakket is dit jaar uitgebreid.
teambuildingB2
тимбилдинг
De middag stond in het teken van teambuilding.
teamgeestB1
командный дух
De teamgeest is hier goed.
teamleiderB1
руководитель группы
Vraag het even aan de teamleider.
teamoverlegB1
командное совещание
Het teamoverleg is op dinsdagochtend.
teamvergaderingA2
собрание команды
De teamvergadering is elke maandag.
thuiswerkenB2
работа из дома
Twee dagen thuiswerken is nu normaal.
thuiswerkvergoedingB2
компенсация за работу из дома
De thuiswerkvergoeding is twee euro per dag.
timmermanB2
плотник
De timmerman maakte de kozijnen op maat.
toezichthouderB2
надзорный орган
De toezichthouder legde een boete op.
transitievergoedingB2
компенсация при переходе
Iedereen heeft recht op een transitievergoeding.
treinconducteurB2
проводник поезда
De treinconducteur controleerde de kaartjes.
tuinderB2
овощевод, садовод
De tuinder kweekt tomaten onder glas.

