Словарь
8 слов · страница 1 из 1
ontslaanA2
увольнять
Er worden dit jaar geen mensen ontslagen.
ontwikkelingB1
развитие
Er is ruimte voor persoonlijke ontwikkeling.
opdrachtA2
задание, поручение
Ik heb deze opdracht van mijn baas gekregen.
opzeggenA2
расторгать, отменять
Ik wil mijn contract opzeggen.
opzegtermijnB1
срок уведомления об увольнении
De opzegtermijn is één maand.
overlegB1
совещание, обсуждение
Na overleg met het team besloten we te wachten.
overurenA2
сверхурочные часы
Deze week heb ik veel overuren gemaakt.
overwerkB1
сверхурочная работа
Overwerk wordt bij ons niet betaald.

