Словарь
17 слов · страница 1 из 1
dagbestedingB2
дневная занятость
Hij gaat drie dagen per week naar de dagbesteding.
darmB2
кишечник
Vezels zijn goed voor de darmen.
dekselB2
крышка
Doe het deksel op de pan.
dementieB2
деменция
Bij dementie verdwijnt eerst het korte geheugen.
depressieB2
депрессия
Een depressie is meer dan somberheid.
dermatoloogB2
дерматолог
De dermatoloog behandelt huidaandoeningen.
diagnoseB2
диагноз
De diagnose werd pas na maanden gesteld.
diëtistB2
диетолог
De diëtist stelde een eetschema op.
dokterA1
врач
Ik ga morgen naar de dokter.
doktersadviesB1
рекомендация врача
Volg het doktersadvies goed op.
doktersassistentB2
ассистент врача
De doktersassistent maakt de afspraken.
doktersbezoekB1
визит к врачу
Na het doktersbezoek voelde ik me gerustgesteld.
doorverwijzingB2
направление к специалисту
Zonder doorverwijzing kom je er niet binnen.
doseringB2
дозировка
Houd je precies aan de dosering.
dossierinzageB2
доступ к медкарте
Patiënten hebben recht op dossierinzage.
druppelB2
капля
Drie druppels in elk oog.
duizeligheidB2
головокружение
Duizeligheid kan veel oorzaken hebben.

