Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

334 слов · страница 7 из 14

  • mededogenB2

    сострадание

    Hij sprak met mededogen over de slachtoffers.

  • medelevenB2

    сочувствие, соболезнование

    Hij betuigde zijn medeleven aan de familie.

  • medelijdenB2

    сочувствие, жалость

    Ik had medelijden met hem.

  • meegaandB2

    уступчивый

    Hij is te meegaand in discussies.

  • meelevendB2

    сочувствующий

    Hij reageerde meelevend op het slechte nieuws.

  • melancholieB2

    меланхолия

    In zijn muziek zit veel melancholie.

  • minachtingB2

    презрение

    Hij sprak met minachting over zijn voorganger.

  • moedeloosheidB2

    уныние

    Na drie afwijzingen sloeg de moedeloosheid toe.

  • moedigA2

    смелый

    Dat was een moedige beslissing.

  • nastrevenB2

    добиваться (цели)

    Welk doel streef je precies na?

  • neerslachtigB2

    унылый

    In november voelt zij zich vaak neerslachtig.

  • nervositeitB2

    нервозность

    Zijn nervositeit was aan zijn handen te zien.

  • nieuwsgierigA2

    любопытный

    Ik ben nieuwsgierig naar het resultaat.

  • nieuwsgierigheidB2

    любопытство

    Uit nieuwsgierigheid las hij het hele rapport.

  • nuchterheidB2

    трезвость взгляда

    Met typische nuchterheid reageerde zij kalm.

  • onbehagenB2

    беспокойство, неудовлетворённость

    Er heerst een gevoel van onbehagen onder de bevolking.

  • onbeleefdheidB2

    невежливость

    Zulke onbeleefdheid accepteren wij niet.

  • onbetrouwbaarheidB2

    ненадёжность

    De onbetrouwbaarheid van die bron is bekend.

  • onbewogenB2

    невозмутимый

    Hij bleef onbewogen onder de kritiek.

  • onenigheidB2

    разногласие

    Er ontstond onenigheid over de aanpak.

  • ongeduldB2

    нетерпение

    Hij wachtte vol ongeduld op het antwoord.

  • ongeduldigA2

    нетерпеливый

    Ze wachtte ongeduldig op het antwoord.

  • ongeduldigheidB2

    нетерпеливость

    Zijn ongeduldigheid viel iedereen op.

  • ongemakB2

    неловкость, дискомфорт

    Zijn opmerking veroorzaakte enig ongemak.

  • ongemakkelijkheidB2

    неловкость

    Er hing een zekere ongemakkelijkheid in de kamer.