Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

30 слов · страница 1 из 2

  • bangA2

    испуганный

    Ik ben bang voor honden.

  • bedaardB2

    спокойный, невозмутимый

    Hij antwoordde bedaard op alle vragen.

  • beheerstB2

    сдержанный

    Zij reageerde beheerst op de provocatie.

  • behulpzaamB2

    отзывчивый

    De buren zijn erg behulpzaam.

  • behulpzaamheidB2

    отзывчивость

    Zijn behulpzaamheid werd erg gewaardeerd.

  • beklemmingB2

    гнетущее чувство

    Het verhaal riep een gevoel van beklemming op.

  • belevenB2

    переживать

    Iedereen beleeft zo'n dag anders.

  • bemoedigendB2

    обнадёживающий

    De eerste resultaten zijn bemoedigend.

  • benijdenB2

    завидовать

    Ik benijd haar rust niet weinig.

  • beogenB2

    иметь целью

    De wet beoogt meer duidelijkheid.

  • berouwB2

    раскаяние

    Hij toonde oprecht berouw.

  • berustenB2

    смиряться

    Uiteindelijk berustte hij in de situatie.

  • berustingB2

    смирение

    Hij sprak met een zekere berusting over de uitslag.

  • bescheidenB2

    скромный

    Ondanks zijn succes bleef hij bescheiden.

  • bescheidenheidB2

    скромность

    Bescheidenheid siert haar.

  • besluiteloosheidB2

    нерешительность

    Zijn besluiteloosheid kostte het team tijd.

  • betekenisvolB2

    значимый

    Het was een betekenisvol gesprek.

  • betreurenB2

    сожалеть

    Wij betreuren deze beslissing.

  • betrokkenheidB2

    вовлечённость

    De betrokkenheid van bewoners was groot.

  • bewonderenB2

    восхищаться

    Ik bewonder zijn doorzettingsvermogen.

  • bewonderingB2

    восхищение

    Ik heb veel bewondering voor haar doorzettingsvermogen.

  • bezorgdB2

    обеспокоенный

    Ik ben bezorgd over zijn gezondheid.

  • bezorgdheidB2

    обеспокоенность

    Er is bezorgdheid over de gevolgen.

  • blijA2

    радостный

    Ik ben blij met het resultaat.

  • blijmoedigB2

    бодрый, жизнерадостный

    Zij bleef blijmoedig onder alle tegenslag.