Словарь
14 слов · страница 1 из 1
taalcursusB1
языковой курс
Ik volg een taalcursus in het buurthuis.
taalexamenB1
языковой экзамен
Het taalexamen bestaat uit vier onderdelen.
taalfoutB1
языковая ошибка
In je brief staan een paar taalfouten.
taallesA2
урок языка
Ik heb twee keer per week taalles.
taalniveauB1
уровень языка
Voor die opleiding heb je taalniveau B1 nodig.
taalportfolioB1
языковое портфолио
In je taalportfolio verzamel je je resultaten.
taaltoetsA2
языковой тест
Voor de cursus doe je eerst een taaltoets.
taalvaardigheidB1
владение языком
Je taalvaardigheid gaat snel vooruit.
tempoB1
темп
Het tempo van de cursus ligt hoog.
toetsB1
контрольная
Morgen hebben we een toets.
toetsresultaatB1
результат теста
Het toetsresultaat viel me mee.
toetsvormB1
форма контроля
Welke toetsvorm gebruiken ze bij dit examen?
toetsvraagB1
вопрос теста
Elke toetsvraag telt even zwaar.
toetsweekB1
неделя контрольных
Volgende maand is de toetsweek.

