Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

305 слов · страница 8 из 13

  • nogmaalsA1

    ещё раз

    Nogmaals bedankt voor je hulp.

  • nummerA1

    номер

    Wat is je telefoonnummer?

  • ofA1

    или

    Wil je thee of koffie?

  • omdatA1

    потому что

    Ik kom niet, omdat ik moet werken.

  • onderA1

    под

    De doos staat onder het bed.

  • ookA1

    тоже, также

    Ik kom ook mee.

  • opA1

    на

    Het boek ligt op tafel.

  • openA1

    открытый

    De winkel is nog open.

  • openenA1

    открывать

    De winkel opent om negen uur.

  • oranjeA1

    оранжевый

    Het Nederlands elftal speelt in oranje.

  • oudA1

    старый

    Dit is een oud gebouw.

  • overA1

    о; через (время)

    We praten later over dit probleem.

  • paarA1

    пара, несколько

    Ik blijf nog een paar dagen.

  • paarsA1

    фиолетовый

    De bloemen in de tuin zijn paars.

  • pakjeA1

    посылка, пачка

    Er ligt een pakje voor je bij de buren.

  • pakkenA1

    брать, хватать

    Pak even een glas voor me.

  • papierA1

    бумага

    Schrijf het op een blaadje papier.

  • parapluA1

    зонт

    Neem een paraplu mee, het gaat regenen.

  • pardonA1

    извините

    Pardon, mag ik er even langs?

  • parkA1

    парк

    We wandelen graag in het park.

  • penA1

    ручка

    Heb je een pen voor me?

  • plaatsA1

    место

    Is deze plaats vrij?

  • pleinA1

    площадь

    Op het plein is elke week markt.

  • poetsenA1

    чистить

    Poets je tanden twee keer per dag.

  • portemonneeA1

    кошелёк

    Mijn portemonnee zit in mijn tas.