Словарь
5 слов · страница 1 из 1
gebruikelijkA2
принятый, обычный
Het is hier gebruikelijk om af te spreken.
geelA1
жёлтый
De bloemen in de tuin zijn geel.
gelijkA1
прав; одинаковый
Je hebt gelijk.
geschiktA2
подходящий
Deze woning is geschikt voor een gezin.
groenA1
зелёный
Het licht is groen, je mag gaan.

