Словарь
255 слов · страница 8 из 11
spellingregelB2
правило орфографии
Deze spellingregel kent veel uitzonderingen.
spreekangstB2
страх говорить
Veel cursisten hebben last van spreekangst.
spreekbeurtB1
устное выступление
Mijn dochter houdt morgen een spreekbeurt.
spreekmomentB1
время для устного ответа
Elke les is er een spreekmoment per cursist.
spreeknormB2
речевая норма
De spreeknorm verschilt per situatie.
spreekoefeningB1
упражнение на говорение
We doen elke les een spreekoefening.
spreekstijlB2
стиль речи
Zijn spreekstijl is rustig en helder.
spreektaalB1
разговорная речь
In spreektaal zeg je dat korter.
spreektempoB1
темп речи
Zijn spreektempo ligt erg hoog.
spreekwoordB2
пословица
Dat is een bekend Nederlands spreekwoord.
standaardbriefB2
типовое письмо
Dit is duidelijk een standaardbrief.
standpuntB2
точка зрения
Zij verdedigde haar standpunt goed.
standpuntbepalingB2
определение позиции
De standpuntbepaling van de partij duurde lang.
stellingB2
тезис, утверждение
Ben je het eens met deze stelling?
stellingnameB2
занятая позиция
Zijn stellingname verraste veel collega's.
stemvolumeB2
громкость голоса
Pas je stemvolume aan de zaal aan.
sterkteB2
держись, крепись
Sterkte met alles wat je doormaakt.
stijlfiguurB2
стилистическая фигура
Een metafoor is een bekende stijlfiguur.
strekkingB2
суть, смысл
De strekking van zijn betoog was duidelijk.
synoniemB2
синоним
Zoek een synoniem voor dit woord.
taalbeheersingB2
владение языком
Zijn taalbeheersing is bijna moedertaalniveau.
taalgebruikB2
речевое употребление, стиль речи
Het taalgebruik in de brief is te informeel.
taalnuanceB2
языковой нюанс
Taalnuances zijn lastig voor gevorderden.
taalregisterB2
языковой регистр
Kies het juiste taalregister voor je publiek.
taaltipB1
языковой совет
De docent gaf een handige taaltip.

